ECLI:NL:RBDHA:2018:6032
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens Georgië als veilig land van herkomst
Eiser, een Georgische staatsburger, diende een asielaanvraag in na problemen met zijn werkgever en vermeende bedreigingen. Hij stelde dat hij geen bescherming kon krijgen van de Georgische autoriteiten vanwege de betrokkenheid van een machtige overheidsfunctionaris. Tevens voerde hij aan dat het opgelegde inreisverbod zijn familiebanden schaadt.
De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat Georgië als veilig land van herkomst geldt en eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat hij geen effectieve bescherming kan krijgen. De rechtbank bevestigde dit oordeel en oordeelde dat eiser zich tot andere hogere autoriteiten kan wenden.
Ook het beroep op artikel 8 EVRM Pro faalde, omdat eiser zijn familieleven ook vanuit Georgië kan onderhouden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskosten toe.
De uitspraak werd gedaan door rechter M.J.L. van der Waals en griffier J.P. Brand op 18 mei 2018. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard omdat Georgië als veilig land van herkomst geldt en eiser onvoldoende beschermingstekort aannemelijk heeft gemaakt.