ECLI:NL:RBDHA:2018:758
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
Ongeldigverklaring rijbewijs wegens schizofrenie en middelenmisbruik na eenzijdig ongeval
Eiser veroorzaakte op 4 september 2016 een eenzijdig ongeval en vertoonde bij aanhouding tekenen van verdovende middelengebruik. Uit bloedonderzoek bleek aanwezigheid van Lorazepam en amfetamine. Na een psychiatrisch onderzoek concludeerde een psychiater dat eiser leed aan schizofrenie van het paranoïde type in symptomatische remissie en middelenmisbruik.
Verweerder verklaarde daarop het rijbewijs ongeldig. Eiser voerde aan geen verslaving te hebben en dat het drugsgebruik recreatief was. Ook stelde hij dat hij gestopt was met medicatie en drugsgebruik en dat bij een urinetest geen middelen waren aangetroffen.
De rechtbank oordeelde dat het psychiatrisch rapport zorgvuldig was opgesteld en dat eiser onvoldoende concrete aanknopingspunten had aangevoerd om dit te betwisten. De recidiefvrije periode was korter dan de vereiste twee jaar, waardoor de ongeldigverklaring terecht was. De belangenafweging was niet aan de rechtbank, omdat de ongeldigverklaring dwingendrechtelijk is voorgeschreven.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt ongegrond verklaard.