ECLI:NL:RBDHA:2018:7588
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van veilig land van herkomst Servië voor LHBTI-persoon
Eiser, een Servische nationaliteit dragende homoseksuele man, diende een asielaanvraag in na mishandeling tijdens de Gay Pride in Servië en het ervaren van afwijzing door zijn familie. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond op grond van de Vreemdelingenwet 2000, stellende dat Servië een veilig land van herkomst is en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk geen bescherming kan krijgen.
Eiser voerde aan dat hij vanwege zijn seksuele geaardheid in Servië wordt blootgesteld aan ernstige risico's en dat de autoriteiten onvoldoende bescherming bieden, onderbouwd met diverse rapporten over de situatie van LHBTI's in Servië. De rechtbank overwoog dat hoewel er problemen zijn, eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk geen effectieve bescherming kan krijgen, mede omdat hij geen aangifte heeft gedaan en zich niet tot autoriteiten heeft gewend.
De rechtbank stelde vast dat de Servische autoriteiten maatregelen nemen ter bescherming van LHBTI's en dat het algemene rechtsvermoeden geldt dat Servië een veilig land is. Ook werd het inreisverbod en de vertrektermijn terecht opgelegd. Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod bevestigd.