Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
- het proces-verbaal van comparitie van 28 november 2017 met de daarin vermelde stukken;
- reactie van de vrouw op het proces-verbaal van 14 december 2017 en de rectie van de man op het proces-verbaal van 19 december 2017;
- de aktes van beide partijen, telkens met producties, van 20 december 2017;
- de antwoordaktes van beide partijen, telkens met producties, van 24 januari 2018.
2.De feiten
GEMEENSCHAPPELIJK BEWOONDE WONING
eigen middelenmeer dan haar
aandeel van de koopsom en de kostenheeft betaald voor het meerdere een vordering hebben op de andere partij. Deze vordering is opeisbaar bij vervreemding van de woning en bij ontbinding van deze overeenkomst. De vordering zal geen rente dragen.
ooropstelling
Vooropstelling
woning die aan partijen tezamen toebehoort en van zaken aangeschaft voor de gemeenschappelijke huishouding een geldlening is aangegaan,zal de rente door partijen worden betaald ieder voor de helft. De aflossing zal eveneens door partijen worden betaald ieder voor de helft. Voorts worden in dat geval de kosten van alle gewone lasten en herstellingen en buitengewone herstellingen als bedoeld in artikel 220 Burgerlijk Pro Wetboek, de zakelijke belasting en de premie voor de opstalverzekering gedragen door partijen, ieder voor de helft. Bij verkoop en levering van de woning, alsmede bij verdeling en overlijden van een van partijen worden vastgesteld of een van partijen meer heeft bijgedragen in de kosten van de gemeenschappelijk bewoonde woning dan die partij op grond van het bepaalde in dit artikel moet dragen. Daarvoor zal worden vastgesteld welk percentage diegene meer heeft bijgedragen. De eventuele overwaarde zal aan partijen toekomen overeenkomstig gemeld percentage. Een eventuele onderwaarde zal door partijen bij helfte worden gedragen. (..)
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
in conventie en in reconventie
5.De beslissing
onder de opschortende voorwaarden: