Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
2.De feiten
Vof-overeenkomst’): (…)
Beëindigingsovereenkomst”); (…)”
Rechtbank Den Haag
Partijen zijn samen een vennootschap onder firma (vof) gestart voor het organiseren van food truck festivals. Door verslechterde samenwerking wilden zij de vof beëindigen na het festivalseizoen 2016. Er zijn besprekingen geweest over een ontvlechtingsovereenkomst en een concept beëindigingsovereenkomst, maar partijen bereikten geen overeenstemming over de ontbinding en financiële afwikkeling, met name over de waardering van goodwill.
Eiser heeft zich uitgeschreven als vennoot per 1 januari 2017, maar deze uitschrijving is door de Kamer van Koophandel hersteld na bezwaar van gedaagde. Eiser vordert een verklaring voor recht dat de vof per 1 januari 2017 is ontbonden en dat de onderneming vanaf 4 oktober 2016 voor rekening en risico van gedaagde wordt gedreven, alsmede diverse vergoedingen.
De rechtbank stelt vast dat geen van de wettelijke ontbindingsgronden of contractuele voorwaarden voor ontbinding zich heeft voorgedaan. Ook is geen overeenstemming bereikt over de wijze van beëindiging en vereffening van de vof. De vof is derhalve niet ontbonden per 1 januari 2017. Wel wordt geoordeeld dat de onderneming vanaf die datum voor rekening en risico van gedaagde wordt voortgezet. De overige vorderingen worden afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vof is niet ontbonden per 1 januari 2017; de onderneming wordt vanaf die datum voor rekening en risico van gedaagde gedreven en de overige vorderingen van eiser worden afgewezen.