Uitspraak
Scheiding
Beschikking op het op 14 juli 2017 ingekomen verzoek van:
[X]
[Y]
Procedure
Verzoek en verweer
Feiten
.
Beoordeling
Beslissing
10 mei 2018 pro forma.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot echtscheiding en toekenning van eenhoofdig gezag over minderjarige kinderen. Partijen waren in Afghanistan gehuwd volgens lokaal gebruik, maar het huwelijk was niet geregistreerd in Nederland. De vrouw stelde dat zij op 15-jarige leeftijd onder dwang trouwde, wat door de rechtbank als geloofwaardig werd aangenomen.
Op grond van het Nederlandse internationaal privaatrecht werd het Afghaanse recht toegepast om de geldigheid van het huwelijk te beoordelen. Het huwelijk werd niet erkend omdat de vrouw minderjarig was en niet vrijelijk toestemming had gegeven, wat strijdig is met de Nederlandse openbare orde. De rechtbank verklaarde daarom dat het huwelijk niet voor erkenning in Nederland in aanmerking komt.
Met betrekking tot het gezag over de kinderen werd vastgesteld dat het Afghaanse recht van toepassing is. De vader was sinds medio 2014 spoorloos verdwenen, waarna het gezag volgens Afghaans recht overging op de grootvader van vaderszijde. De rechtbank besloot de grootvader als belanghebbende op te roepen en hield verdere beslissingen over het gezag aan tot 10 mei 2018.
De man was niet verschenen en voerde geen verweer. De vrouw werd bijgestaan door een advocaat en een tolk. De rechtbank gaf opdracht tot oproeping van de grootvader via de Staatscourant om hem in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over het gezagsverzoek.
Uitkomst: Huwelijk wordt niet erkend naar Nederlands recht; grootvader van vaderszijde wordt opgeroepen als belanghebbende voor gezagsbeslissing.