ECLI:NL:RBDHA:2018:9270
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens ontbreken toestemmingsverklaring biologische moeder
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van gezinshereniging met haar vader, de referent. Deze aanvraag is door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen omdat geen toestemmingsverklaring van haar vermeende biologische moeder was overgelegd en niet was aangetoond dat zij daadwerkelijk de biologische moeder is.
Eiseres betoogt dat haar moeder niet in staat is om de verklaring te ondertekenen vanwege de risico's van illegale reis naar de ambassade en dat de referent reeds een doopakte heeft overgelegd. De rechtbank overweegt dat volgens de Vreemdelingencirculaire een mvv niet wordt verleend zonder toestemmingsverklaring, tenzij aannemelijke en consistente verklaringen zijn gegeven waarom deze niet kan worden overgelegd.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende heeft geconcretiseerd waarom de moeder niet kan reizen en dat geen andere bewijsstukken zijn overgelegd waaruit instemming blijkt. Het contact tussen moeder en referent is hersteld, wat het ontbreken van de verklaring extra relevant maakt. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is de afwijzing van de mvv terecht.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard.