Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 juli 2018 in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres, V-nummer [v-nummer]
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Poolse gemeenschapsonderdaan, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin werd vastgesteld dat zij geen rechtmatig verblijf in Nederland heeft gehad op grond van artikel 8:12 van Pro het Vreemdelingenbesluit. De Staatssecretaris had het verblijfsdocument ingenomen en het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard.
De rechtbank overweegt dat eiseres tussen 2005 en 2006 rechtmatig verblijf genoot als economisch niet-actieve gemeenschapsonderdaan, maar daarna niet heeft aangetoond dat zij heeft gewerkt of werk heeft gezocht met een reële kans op werk. Hierdoor voldoet zij niet aan de voorwaarden voor rechtmatig verblijf op grond van artikel 8:12, eerste lid, onder a van het Vb en komt zij niet in aanmerking voor duurzaam verblijf.
Hoewel eiseres een loonstrook ter zitting overlegt, wordt deze niet betrokken bij de beoordeling vanwege de ex tunc toets. Haar beroep op het gezinsleven en haar kinderen die onder voogdij van Jeugdzorg staan, leidt niet tot toekenning van rechtmatig verblijf. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van rechtmatig verblijf en duurzaam verblijf.