ECLI:NL:RBDHA:2018:9451
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag loonbelasting terecht opgelegd na correctie S&O-verklaring
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen over het tijdvak 1 januari 2012 tot en met 31 mei 2013. Deze aanslag was opgelegd naar aanleiding van een correctiebesluit van het Agentschap NL inzake een te hoge afdrachtvermindering S&O-verklaring over 2011.
Eiser stelde dat de naheffingsaanslag onterecht was opgelegd, dat de belastingrente onredelijk was en dat er onterecht geen uitstel van betaling was verleend. Tevens stelde eiser dat de beginselen van behoorlijk bestuur waren geschonden. Verweerder handhaafde de aanslag en de belastingrente en gaf aan dat alsnog uitstel van betaling was verleend.
De rechtbank oordeelde dat de naheffingsaanslag terecht was opgelegd omdat eiser het correctiebesluit niet had verwerkt en dat dit voor zijn rekening en risico kwam. De aanslag was berekend over het juiste tijdvak conform de wet. De belastingrente was volgens de wettelijke bepalingen berekend en het beroep hiertegen was ongegrond. De stellingen over schending van beginselen van behoorlijk bestuur waren onvoldoende onderbouwd. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd om een betalingsregeling vast te stellen.
Het beroep werd ongegrond verklaard voor zover het betrekking had op de naheffingsaanslag en onbevoegd verklaard voor het verzoek om een betalingsregeling. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om betalingsregeling wordt afgewezen wegens onbevoegdheid.