ECLI:NL:RBDHA:2019:10228
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig lidmaatschap politieke partij en onvoldoende bewijs vervolgingsgevaar
Eiser, van Guinese nationaliteit, heeft meerdere asielaanvragen ingediend, waarvan de huidige de vierde is. Hij stelt actief lid te zijn van de oppositiepartij UFDG en voert aan dat hij vanwege zijn politieke activiteiten in Nederland vervolging door de Guinese autoriteiten vreest. Ter onderbouwing heeft hij verklaringen, foto’s en een lidmaatschapskaart overgelegd.
De staatssecretaris heeft de aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond, stellende dat het lidmaatschap van de UFDG niet geloofwaardig is en dat niet aannemelijk is gemaakt dat de autoriteiten op de hoogte zijn van de activiteiten van eiser. De rechtbank oordeelt dat de authenticiteit van de lidmaatschapsverklaring niet kan worden vastgesteld en dat de verklaringen van eiser onvoldoende overtuigen. Ook is niet aannemelijk dat de Guinese autoriteiten zijn politieke activiteiten in Nederland monitoren of dat hij daardoor vervolgd zal worden.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod gehandhaafd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod gehandhaafd.