Eiseres, een moeder met een minderjarige zoon die de Nederlandse nationaliteit bezit, verbleef tijdelijk in Nederland zonder vaste woon- of verblijfplaats. Na afwijzing van haar aanvraag voor maatschappelijke opvang door de gemeente Amsterdam wegens zelfredzaamheid, vorderde zij in kort geding opvang en voorzieningen voor haar en haar zoon.
De voorzieningenrechter stelt vast dat eiseres niet in aanmerking komt voor opvang op grond van de WMO 2015 omdat zij als zelfredzaam wordt beschouwd. De gemeente bood slechts tien dagen noodopvang en een terugkeerregeling naar Marokko aan, waar eiseres een veilige thuisbasis heeft.
De rechtbank overweegt dat de primaire verantwoordelijkheid voor het welzijn van het kind bij de ouders ligt en dat de Staat geen zorgplicht heeft om opvang te bieden aan zelfredzame gezinnen. De gevorderde voorziening wordt daarom geweigerd en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.