Uitspraak
REchtbank DEN Haag
het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, verweerder
[derde-partij], te Den Haag, belanghebbende.
Rechtbank Den Haag
Het geschil betreft het goedkeuringsbesluit van het aangepaste Faunabeheerplan knobbelzwaan Zuid-Holland 2018-2024, dat het doden van knobbelzwanen toestaat ter voorkoming van schade aan landbouwgewassen. Verzoeksters hebben bezwaar gemaakt en een voorlopige voorziening gevraagd tegen dit besluit.
De voorzieningenrechter constateert dat het plan uitsluitend beheermaatregelen bevat voor de knobbelzwaan, maar dat knobbelzwanen vaak in gemengde groepen met de beschermde kleine zwaan voorkomen. Verzoeksters stellen dat het beheer grote risico's voor de kleine zwaan met zich meebrengt, die op grond van de Wet natuurbescherming strikt beschermd is.
De rechter oordeelt dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd is en berust op onvoldoende onderzoek, omdat niet is uitgesloten dat de kleine zwaan opzettelijk wordt verstoord of bejaagd. Daarom wordt het besluit geschorst tot zes weken na de uitspraak in de bodemprocedure. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst tot zes weken na de uitspraak in de bodemprocedure vanwege onvoldoende onderzoek naar de impact op de kleine zwaan.