Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. T. Pourjalili, griffier.
Rechtbank Den Haag
Eiser is op 6 juni 2018 veroordeeld tot tien maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf wegens het vervoeren en aanwezig hebben van cocaïne. Dit vonnis is onherroepelijk geworden op 26 september 2018. Naar aanleiding hiervan heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een terugkeerbesluit en een inreisverbod van tien jaar opgelegd.
Eiser stelde dat het inreisverbod onterecht is omdat het een eenmalige misstap betreft, hij geen recidiverisico heeft en een 'first offender' is. Ook voerde hij aan dat de individuele omstandigheden, zoals zijn afgeronde opleiding, werkervaring en relatie met een vrouw in Italië, onvoldoende zijn meegewogen. Daarnaast zou het inreisverbod zijn toekomstige werk en reizen belemmeren.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende heeft gemotiveerd dat eiser een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging vormt voor een fundamenteel belang van de samenleving, mede gelet op de aard van het drugsdelict en de opgelegde straf. De rechtbank vond dat de maatschappelijke overlast door harddrugs en het gevaar voor de openbare orde nog actueel zijn. De persoonlijke omstandigheden van eiser, zoals zijn relatie en werk, waren onvoldoende om af te zien van het inreisverbod.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de rechtbank wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep tegen het tienjarige inreisverbod wegens een drugsdelict en gevaar voor de openbare orde is ongegrond verklaard.