ECLI:NL:RBDHA:2019:11303
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Toegang tot Nederland verleend na weigering wegens verblijfdoel en bestaansmiddelen
Verzoekster, een Colombiaanse staatsburger, werd op 13 oktober 2019 bij aankomst op Schiphol de toegang tot Nederland geweigerd op grond van de Schengengrenscode, omdat zij volgens verweerder niet voldeed aan de vereisten omtrent het doel van verblijf en toereikende bestaansmiddelen.
Verzoekster had een vlucht geboekt terug naar Bogota en overlegd dat zij met een vriendin Parijs wilde bezoeken en een hostelreservering in Barcelona had. De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet vooraf boeken van alle verblijfsadressen gezien haar backpackreis niet tegen haar mocht worden gebruikt. Ook het studeerdoel in Barcelona deed niet af aan het toeristische karakter van haar bezoek.
Ten aanzien van de bestaansmiddelen vond de rechter dat verzoekster aannemelijk had gemaakt dat zij voldoende middelen had, mede door een storting van haar partner en een aanstaande salarisstorting, en dat zij een retourticket bezat. Gezien de korte termijn kon niet worden verwacht dat zij direct over het geld beschikte.
De voorlopige voorziening werd toegewezen, waardoor verzoekster niet wordt uitgezet en alsnog toegang krijgt tot Nederland. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €512,-. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Verzoekster krijgt voorlopige voorziening waardoor zij niet wordt uitgezet en alsnog toegang tot Nederland wordt verleend.