Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
Op 21 april 2019 omstreeks 3.00 uur is [slachtoffer] in zijn woning in Den Haag door de politie aangetroffen met diverse snijverwondingen in (met name) zijn gezicht en duim. [slachtoffer] heeft verklaard dat de verdachte hem meerdere malen had gestoken. De verdachte heeft dit ontkend en heeft een andere lezing van de gebeurtenissen die nacht.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering tenuitvoerlegging
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
36(
zesendertig)
maanden;
8(
acht)
maanden, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde:
driejaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- zich gedurende de proeftijd meldt bij GGZ Reclassering Fivoor (Johanna Westerdijkplein 40 in Den Haag) op door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zolang de reclassering dat noodzakelijk acht;
- zich – zo lang de reclassering dat nodig acht – laat behandelen door GGZ Forensische Polikliniek Fivoor of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, waarbij de veroordeelde zich houdt aan de huisregels en aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens die zorgverlener worden gegeven, waarbij ook het innemen van medicijnen onderdeel kan zijn van de behandeling;
- voor zover – ter beoordeling van voormelde zorgverlener in overleg met de reclassering – zich een crisis bij de veroordeelde voordoet, zich eenmalig laat opnemen ter bestrijding van die crisis, waarbij de behandeling tevens kan bestaand uit detoxificatie, stabilisatie, observatie en/of diagnostiek, voor de duur van maximaal zeven weken of zo veel korter als de reclassering noodzakelijk acht;
- zo lang de reclassering dat nodig acht verblijft in een instelling voor begeleid/beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering, waarbij de veroordeelde zich houdt aan de huisregels en het (dag)programma dat de instelling in overleg met de reclassering heeft opgesteld;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen.