Europower, een groothandel in schoonmaak- en drogisterijproducten, had bij Nationale Nederlanden een verzekering afgesloten voor inventaris, goederen en bedrijfsschade. Na een brand op 5 december 2015 waarbij alle voorraad en inventaris verloren gingen, betaalde NN voorschotten en vergoedde de schade. Europower was het echter niet eens met de omvang van de bedrijfsschade, met name het gehanteerde bedrag van €460.305,- voor belangverlies.
Europower vorderde op grond van artikel 843a Rv inzage in een gespecificeerde onderbouwing van dit bedrag, het polisblad en polisvoorwaarden van 2015, en het rapport van EMN Forensic over de brandoorzaak. De rechtbank oordeelde dat er geen algemene informatieplicht bestaat en dat Europower onvoldoende rechtmatig belang had aangetoond voor deze inzage. NN had reeds een uitgebreide toelichting gegeven en betwistte het bestaan van andere documenten.
De rechtbank vond dat Europower geen concrete aanwijzingen had dat er meer stukken bestonden dan reeds verstrekt. Ook het gevorderde forensisch rapport behoorde niet te worden verstrekt, omdat het vermoeden van brandstichting en het onderzoek daarvan geen reden gaf tot eerdere bevoorschotting. De vorderingen werden daarom afgewezen en Europower werd veroordeeld in de proceskosten van NN.