De zaak betreft een verzoek van de weduwnaar van mevrouw A, die in 2015 overleed na complicaties van een buikoperatie in een ziekenhuis. De weduwnaar vordert vergoeding van buitengerechtelijke kosten die hij maakte in verband met de aansprakelijkstelling van het ziekenhuis en de verzekeraar Centramed.
Na het overlijden werd een medisch deskundigenrapport opgesteld dat geen beroepsfout vaststelde. Het ziekenhuis weigerde aansprakelijkheid te erkennen, maar bood coulancebetalingen aan zonder aansprakelijkheid te erkennen. Partijen sloten een vaststellingsovereenkomst waarbij een bedrag werd betaald, met uitzondering van de buitengerechtelijke kosten.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek van de weduwnaar deels niet ontvankelijk is vanwege cessie van een deel van de vordering aan een belangenbehartiger. Daarnaast is het verzoek niet geschikt voor deelgeschilbehandeling omdat het een incassogeschil betreft. Omdat geen aansprakelijkheid is erkend, is vergoeding van buitengerechtelijke kosten niet aan de orde.
De rechtbank benadrukt dat buitengerechtelijke kosten moeten voldoen aan de dubbele redelijkheidstoets, wat in deze zaak niet aannemelijk is. De kosten zijn hoog en deels onredelijk. Het verzoek wordt daarom afgewezen en de weduwnaar wordt niet ontvankelijk verklaard voor het deel van de kosten dat is gecedeerd.
De rechtbank wijst het verzoek af en ziet geen aanleiding tot kostenbegroting. Het aanbod van Centramed om een bedrag van €7.500 te betalen wordt als redelijk en onverplicht beschouwd.