ECLI:NL:RBDHA:2019:13384
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroepsgronden en onvindbaarheid eiser
Eiser heeft tegen een terugkeerbesluit en inreisverbod van twee jaar beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag. Zijn gemachtigde diende een beroepschrift in zonder beroepsgronden en trok zich vervolgens terug uit de procedure. De rechtbank heeft eiser schriftelijk benaderd op het laatst bekende adres om te vragen of hij het beroep wil voortzetten en een nieuwe gemachtigde heeft, maar de brief kwam retour met de mededeling dat eiser onbekend is op dat adres.
Omdat geen beroepsgronden zijn ingediend en er geen geldige reden is voor het ontbreken daarvan, en omdat eiser niet bereikbaar is, mag de rechtbank het beroep niet inhoudelijk behandelen. Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
Eiser is niet verschenen bij de mondelinge behandeling, terwijl verweerder zich wel liet vertegenwoordigen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na verzending.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden en onvindbaarheid van eiser.