Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van in de zaak tussen
[eiser] , v-nummer [nummer] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
( [datum] 2016), twee creditkaarten, een Singaporees militaire identiteitskaart en militair rijbewijs, een studentenkaart en een Australisch rijbewijs naar Bureau Documenten gestuurd voor onderzoek. Bij verklaring van 24 april 2019 heeft Bureau Documenten geconcludeerd dat deze documenten niet op echtheid kunnen worden beoordeeld.
Eiser heeft de door hem gestelde reis onderbouwd met de vliegticket van Johor Bahru naar Budapest ( [datum] 2016) en de treinticket van München naar Amsterdam ( [datum] 2016). Hiermee heeft eiser aanzet gemaakt om een reisroute in kaart te brengen. Uit het bestreden besluit blijkt dat eiser ook een reisschema en een treinticket van Boedapest naar München ( [datum] 2016) heeft overgelegd. Overigens heeft de rechtbank deze stukken zelf niet in het digitale dossier kunnen vinden.
Aan zijn stelling dat hij een drugsdelict heeft begaan waarvoor hij wordt vervolgd heeft eiser een opiniestuk van het advocatenkantoor Trident, een factuur van autoverhuurder Rent My Car Lite Ltd, een weergave van internetberichten die zijn uitgewisseld tussen eisers moeder en vriendin en een schermafbeelding van het facebookaccount van zijn ex-vriendin ten grondslag gelegd. Zijn vrees voor terugkeer naar Singapore stoelt eiser op een artikel over de gevangenisomstandigheden in dit land.
De rechtbank veroordeelt verweerder in de door eiser gemaakte proceskosten. Het bedrag van deze kosten stelt de rechtbank vast op € 1.280,- voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting en 0,5 punt voor de reactie op de uitspraak van 29 augustus 2019, met een waarde per punt van € 512,- en wegingsfactor 1).