Uitspraak
[verzoeker] , verzoeker, V-nummer [V-nummer]
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Overwegingen
Beslissing
mr. E. Frieling, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 19 december 2019.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsdocument EU/EER om bij zijn minderjarige kinderen te kunnen verblijven. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag op 7 maart 2019 afgewezen. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening zodat hij de behandeling van het bezwaar in Nederland kon afwachten.
Tijdens de procedure bleek dat verzoeker in het bezit is van een geldige Spaanse verblijfsvergunning tot 21 augustus 2021. De Spaanse autoriteiten zijn verzocht deze vergunning in te trekken, maar hebben hierop nog niet gereageerd. De rechtbank gaat ervan uit dat de vergunning nog steeds geldig is.
De rechtbank oordeelt dat verzoeker geen beroep kan doen op het arrest Chavez-Vilchez omdat de afwijzing van de verblijfsaanvraag niet leidt tot een situatie waarin de kinderen van verzoeker het EU-grondgebied gedwongen moeten verlaten. Hierdoor heeft het bezwaar geen redelijke kans van slagen en wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het bezwaar geen redelijke kans van slagen heeft.