Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 augustus 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
de Staatssecretaris van Defensie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- eiser per 1 mei 1993 eervol ontslag is verleend en dat hij ten tijde van het ontslag de rang van adjudant-onderofficier bekleedde. Eiser heeft tegen het ontslagbesluit geen rechtsmiddelen aangewend;
- hem gedurende zijn loopbaan als militair geen functies zijn toegewezen waaraan een officiersrang was verbonden. Tegen de besluiten waarmee eiser functies, waaraan een onderofficiersrang was verbonden, zijn toegewezen heeft hij evenmin rechtsmiddelen aangewend;
- de hiervoor bedoelde besluiten in rechte vaststaan en dat verweerder niet is gehouden om terug te komen van deze besluiten, tenzij sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die niet bekend waren ten tijde van het nemen van die besluiten. Van dergelijke feiten of omstandigheden is niet gebleken en deze zijn evenmin door eiser aangetoond.