ECLI:NL:RBDHA:2019:2610
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Iraakse biseksuele asielzoeker wegens ongeloofwaardigheid
Eiser, van Iraakse nationaliteit, heeft meerdere asielaanvragen ingediend, waarvan de eerste zes werden afgewezen wegens niet aannemelijk gemaakte identiteit en nationaliteit. Bij zijn zevende aanvraag in 2012 heeft hij zijn identiteit wel aannemelijk gemaakt en een beroep gedaan op zijn biseksuele geaardheid, afvalligheid van de islam en dreiging van eerwraak.
Verweerder heeft het asielverzoek afgewezen omdat de verklaringen van eiser over zijn seksuele geaardheid en afvalligheid niet geloofwaardig zijn bevonden. De rechtbank overweegt dat eiser meerdere inconsistenties vertoont in zijn verklaringen en dat het acceptatieproces van zijn geaardheid niet overtuigend is onderbouwd. Ook is niet aannemelijk dat zijn geaardheid in Irak bekend is.
Eiser heeft aangevoerd dat zijn acceptatieproces grillig is en dat berichten die zijn geaardheid ondersteunen niet zijn meegenomen. De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende onderzoek heeft gedaan en dat de verklaringen van eiser niet overtuigend zijn. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de Iraakse asielzoeker wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid van zijn asielmotieven.