Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2019:2795

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
21 maart 2019
Publicatiedatum
21 maart 2019
Zaaknummer
F.19.54
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Verzet
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8 lid 2 FaillissementswetArt. 91 FaillissementswetArt. 106 FaillissementswetProcesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbank artikel 1.3.2.4
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verzet tegen faillissementsvonnis wegens overschrijding termijn

United Visa Services B.V. werd op 12 februari 2019 failliet verklaard. Op 11 maart 2019 diende de vennootschap een brief in waarin zij verzet instelde tegen het faillissementsvonnis. De rechtbank beoordeelde of dit verzet tijdig was ingesteld conform artikel 8 lid 2 van Pro de Faillissementswet.

De rechtbank constateerde dat de vennootschap niet was verschenen bij de faillissementszitting, hoewel zij daartoe behoorlijk was opgeroepen. De wettelijke termijn voor het instellen van verzet is veertien dagen na de uitspraak, tenzij de schuldenaar zich tijdens de uitspraak buiten Nederland bevindt, dan geldt een termijn van een maand.

United Visa Services B.V. beriep zich op de langere termijn omdat haar indirect bestuurder zich in het buitenland bevond. De rechtbank oordeelde dat de vennootschap als zelfstandige rechtspersoon niet kan worden gelijkgesteld aan haar bestuurder en dat er geen aanwijzingen waren dat de vennootschap zelf buiten Nederland verbleef. Het verzet was daarom niet tijdig ingesteld.

De rechtbank nam ook mee dat de bestuurder na het faillissement contact had met de curator en een advocaat, zodat bekendheid met het vonnis bestond. Gezien het niet tijdig instellen van het verzet verklaarde de rechtbank United Visa Services B.V. niet-ontvankelijk in haar verzoek.

Uitkomst: United Visa Services B.V. is niet-ontvankelijk verklaard in haar verzet tegen het faillissementsvonnis wegens overschrijding van de verzetstermijn.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANKDEN HAAG
Team Insolventies – enkelvoudige kamer
insolventienummer: C/09/19/[00] F
Vonnis in verzet van 21 maart 2019
in het faillissement van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
United Visa Services B.V.,
ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer [00000000],
statutair gevestigd te 's-Gravenhage,
vestigingsadres: [postcode en plaats, adres],
handelend onder de namen [K, L, M, en N],
gefailleerde,
advocaat: mr. dr. D. Coskun.

1.Procesverloop

1.1
Op 12 februari 2019 is United Visa Services B.V. in staat van faillissement verklaard met benoeming van mr. R.G.C. Veneman tot rechter-commissaris en aanstelling van mr. M.T.J. Wilmer, advocaat te 's-Gravenhage als curator.
1.2
Bij brief van 11 maart 2019, die op 12 maart 2019 ter griffie van de Insolventiekamer van deze rechtbank is ingekomen, is namens United Visa Services B.V. verzocht “ het faillissement van de vennootschap van 12.02.2019 op te heffen”.
1.3
Gezien de inhoud van dat stuk en hetgeen ter terechtzitting is meegedeeld, gaat de rechtbank er van uit dat United Visa Services B.V. door middel van de brief van 11 maart 2019 verzet instelt tegen het faillissementsvonnis van 12 februari 2019.
1.4
Het verzet is op 19 maart 2019 ter terechtzitting behandeld. Bij die gelegenheid zijn verschenen:
- [Z], indirect bestuurder van gefailleerde;
- mr. Coskun, voornoemd;
- [A], aanvraagster van het faillissement en hierna te noemen ‘mevrouw [A]’, bijgestaan door [C];
- de curator vergezeld van een kantoorgenote.
1.5
De rechtbank maakt verder melding van de ontvangst van:
- het advies, met bijlagen, van 18 maart 2019 van de curator;
- de e-mails, met bijlagen, van 14 en 18 maart 2019 van mr. Coskun, voornoemd.

2.De beoordeling

2.1
In de eerste plaats dient de vraag te worden beantwoord of het verzet tijdig is ingesteld. Dienaangaande overweegt de rechtbank als volgt.
2.2
[A] heeft een verzoek ingediend tot faillietverklaring van United Visa Services B.V. Dit verzoek is op 29 januari 2019 ter terechtzitting behandeld. United Visa Services B.V. is niet verschenen en de behandeling van het verzoek is aangehouden tot 12 februari 2019 waarbij in de gelegenheid is gesteld United Visa Services B.V. bij deurwaardersexploot op te roepen om ter terechtzitting van 12 februari 2019 te verschijnen. Die oproeping heeft op 30 januari 2019 plaatsgevonden en het desbetreffende deurwaardersexploot is namens mevrouw [A] overgelegd. Dit exploot is uitgebracht aan het adres [straatnaam en huisnummer] te [plaatsnaam], zijnde het adres dat volgens de gegevens in het handelsregister van de kamer van koophandel het bezoekadres van United Visa Services B.V. is. Volgens diezelfde gegevens is United Brothers B.V. de bestuurder van United Visa Services B.V. en is de heer [Z] de bestuurder van United Brothers B.V. Op 12 februari 2019 is United Visa Services B.V. failliet verklaard. Daarbij heeft de rechtbank overwogen dat United Visa Services B.V. niet is verschenen, hoewel zij daartoe behoorlijk is opgeroepen.
2.3
United Visa Services B.V. heeft bij brief van brief van 11 maart 2019, die op 12 maart 2019 ter griffie van de Insolventiekamer van deze rechtbank is ingekomen, bedoeld verzet in te stellen tegen het faillissementsvonnis van 12 februari 2019. Die brief voldoet niet aan de vereisten die in het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbank (artikel 1.3.2.4) aan een verzetrekest worden gesteld. In de kop van het verzetrekest ontbreekt de vermelding dat het gaat om een verzetrekest, alsmede de vermelding van de wetsbepaling waarop het rekest berust. Voorts ontbreken adres en woonplaats van de geopposeerde en het telefoonnummer van de curator.
2.4
United Visa Services B.V. is niet gehoord op het verzoek tot faillietverklaring. Artikel 8 lid 2 van Pro de Faillissementswet bepaalt dat een schuldenaar, zo hij niet is gehoord, gedurende veertien dagen, na de dag der uitspraak, recht van verzet heeft. Het is duidelijk dat het verzet niet binnen deze termijn is ingesteld. Dit is ter terechtzitting door de advocaat van United Visa Services B.V. beaamd.
2.5
Artikel 8 lid 2 van Pro de Faillissementswet bepaalt voorts dat indien een schuldenaar, zo hij niet is gehoord, zich tijdens de faillissementsuitspraak niet binnen het Rijk in Europa (lees: in het land Nederland) bevindt, de verzettermijn wordt verlengd tot een maand. United Visa Services B.V. beroept zich erop dat die termijn van een maand van toepassing is omdat de heer [Z], haar indirect bestuurder, zich ten tijde van het uitspreken van het faillissementsvonnis in het buitenland bevond. Hiermee vereenzelvigt de vennootschap United Visa Services B.V. zich met haar bestuurder, aldus dat indien een enig (indirect) bestuurder van een vennootschap buiten Nederland verblijft dit in beginsel ook automatisch voor de vennootschap geldt. Hiervoor zijn echter geen aanknopingspunten. United Visa Services B.V. is een zelfstandige juridische entiteit. Het faillissementsverzoek richt zich tegen de vennootschap als schuldenaar. Niet is gebleken dat de vennootschap zich ten tijde van faillietverklaring buiten Nederland bevond, daargelaten wat United Visa Services B.V. daarmee voor ogen zou kunnen staan. Ter terechtzitting is gebleken dat de bestuurder geen adreswijziging van United Visa Services B.V. in het handelsregister van de kamer van koophandel heeft doen opnemen. Evenmin is gebleken dat op andere wijze voor derden kenbaar is gemaakt dat de vennootschap haar adres elders zou hebben. De rechtbank neemt mede in aanmerking dat het ontbreekt aan een wettelijke bepaling waarin wordt bepaald dat, indien de schuldenaar een vennootschap is, onder schuldenaar als bedoeld in artikel 8 lid 2 van Pro de Faillissementswet tevens de bestuurder van die vennootschap dient te worden verstaan (vergelijk de artikelen 91 en 106 van de Faillissementswet). Dit alles maakt dat United Visa Services B.V. zich niet kan beroepen op de verzettermijn van een maand.
2.6
Het verzet is derhalve niet-tijdig ingesteld en niet is gebleken van voldoende relevante feiten of omstandigheden op basis waarvan kan worden geoordeeld dat er plaats is voor een uitzondering op de regel dat aan de termijn voor het instellen van verzet strikt de hand moet worden gehouden. De stelling dat de vennootschap niet behoorlijk is opgeroepen, kan niet tot dat oordeel leiden en overigens is de juistheid daarvan niet komen vast te staan. Voorts neemt de rechtbank in dit verband in aanmerking dat is gebleken dat de indirect bestuurder van United Visa Services B.V. op 15 februari 2019 per e-mail contact met de curator heeft gehad en dat hij zich twee of drie dagen later tot een advocaat heeft gewend, waarmee de curator eveneens contact heeft gehad en aan wie de curator ook de stukken van de faillissementsaanvraag heeft gestuurd. De bestuurder was derhalve in ieder geval op 15 februari 2019 bekend met het faillissementsvonnis van 12 februari 2019.
2.7
Het vorenstaand maakt dat de rechtbank van oordeel is dat het verzet te laat is gesteld, zodat United Visa Services B.V. niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar verzoek.
BESLISSING
De rechtbank:
- verklaart gefailleerde niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Dit vonnis is gewezen door mr. R. Cats, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 maart 2019 in aanwezigheid van C.R. Cortenbach-van der Lek LL.B., griffier.