ECLI:NL:RBDHA:2019:3125
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens niet aannemelijk gemaakte identiteit en nationaliteit uit Congo
Eiseres heeft een asielaanvraag ingediend met de stelling dat zij Congolese nationaliteit bezit en afkomstig is uit Zuid-Kivu, Congo, waar zij etnisch geweld heeft geleden. De aanvraag is door de Staatssecretaris afgewezen als kennelijk ongegrond, mede vanwege twijfel over haar identiteit en nationaliteit.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende bewijs heeft geleverd voor haar identiteit en nationaliteit. Onderzoek van de Koninklijke Marechaussee toonde aan dat zij onder een andere naam en geboortedatum naar Nederland is gereisd, wat werd bevestigd door biometrische overeenkomsten met een Facebookprofiel. De overgelegde Congolese verkiezingspas werd niet als betrouwbaar beschouwd vanwege de mogelijkheid van illegale verkrijging.
Daarnaast kon eiseres belangrijke vragen over haar herkomst in Congo niet correct beantwoorden, wat de rechtbank als opmerkelijk en twijfelachtig beschouwt. Hierdoor is niet vastgesteld dat zij daadwerkelijk uit Congo komt.
Omdat identiteit, nationaliteit en herkomst niet zijn vastgesteld, heeft de Staatssecretaris terecht niet onderzocht of zij vluchtelingenstatus toekomt of risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en een inreisverbod van twee jaar opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen met oplegging van een inreisverbod.