Verzoekster heeft een voorlopige voorziening ex artikel 287b Faillissementswet gevraagd om Stichting WoonInvest te verbieden tot ontruiming van haar woning over te gaan. Dit verzoek vloeit voort uit een ontruimingsvonnis van december 2016 wegens huurachterstand.
De rechtbank constateert dat verzoekster nog niet volledig de stabilisatiefase heeft doorlopen, maar dat het minnelijk schuldsaneringstraject wel is gestart en binnen drie maanden kan worden afgerond. De lopende huurtermijnen worden inmiddels voldaan en de resterende vordering van WoonInvest is lager dan drie huurtermijnen.
WoonInvest heeft geen financiële gronden aangevoerd tegen het verzoek, maar stelt dat het vertrouwen in verzoekster als huurder is geschaad. De rechtbank acht dit onvoldoende zwaarwegend om het belang van verzoekster, die met haar jonge kind in de woning wil blijven, te overrulen.
De rechtbank verbiedt daarom de ontruiming voor een termijn van drie maanden, zodat verzoekster haar schuldsaneringstraject kan voortzetten. Het WSNP-verzoek kan nog niet worden behandeld zolang het minnelijk traject niet is afgerond. De voorziening vervalt uiterlijk op 5 juli 2019.
De voortgezette behandeling van het WSNP-verzoek zal op een later te bepalen datum plaatsvinden, waarbij een compleet verzoekschrift uiterlijk een week voor die datum moet worden ingediend.