ECLI:NL:RBDHA:2019:4014
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in beroep tegen beëindiging opvang COA na weigering aangeboden woning
Eiser, een Iraakse asielstatushouder, kreeg een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd en werd door de gemeente Den Haag een woning aangeboden. Eiser weigerde deze woning omdat deze te klein was en de relatie met zijn partner was verbroken, waardoor samenwonen niet mogelijk was.
Het COA beëindigde daarop de opvang van rechtswege en sommeerde eiser de opvang te verlaten. Eiser stelde beroep in tegen deze beëindiging en voerde aan dat het COA een bemiddelingsfunctie heeft en dat het zoeken naar passende huisvesting een besluit is waartegen beroep openstaat.
De rechtbank oordeelde dat de beëindiging van de verstrekkingen van rechtswege plaatsvindt met het verkrijgen van een verblijfsvergunning en dat de beoordeling van passende huisvesting door de gemeente wordt gedaan, niet door het COA. Hierdoor is geen sprake van een besluit van het COA waartegen beroep openstaat.
De rechtbank verklaarde zich daarom onbevoegd kennis te nemen van het beroep en verwees eiser naar de gemeente voor het betwisten van de aangeboden woning. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep tegen de beëindiging van opvang door het COA na weigering van de aangeboden woning.