ECLI:NL:RBDHA:2019:4390
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
De eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen. Dit besluit is genomen op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, waarbij verweerder zich beroept op de Dublinverordening die bepaalt dat een andere lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
De rechtbank heeft in haar overwegingen vastgesteld dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en er geen aanwijzingen zijn dat Italië niet conform internationale verdragen zal handelen. Er zijn geen structurele tekortkomingen in de Italiaanse asielprocedure en opvangvoorzieningen vastgesteld. De rechtbank achtte het beroep ongegrond omdat eiser geen bijzondere individuele omstandigheden heeft aangevoerd die de overdracht naar Italië onevenredig hard maken.
De rechtbank wees ook het verzoek om proceskostenveroordeling af, mede omdat Nederland een verzoek tot terugname bij Italië had gedaan dat niet tijdig werd beantwoord, wat volgens artikel 25, tweede lid, van de Dublinverordening gelijkstaat aan aanvaarding van het verzoek. De uitspraak is gedaan door rechter Bosman en griffier Nobel op 24 april 2019.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.