Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Inleiding: aard van de zaak
4.Overwegingen omtrent het bewijs.
5.Strafbaarheid van het bewezenverklaarde en strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
Zonder af te willen doen aan het grote leed dat de benadeelde partij, de moeder van het slachtoffer, is aangedaan, zal de rechtbank de gevorderde vergoeding voor immateriële schade moeten afwijzen.
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De inbeslaggenomen goederen
10.De toepasselijke wetsartikelen
11.De beslissing
impliciet primairten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
impliciet subsidiairten laste gelegde feit heeft begaan, zoals hierboven onder 3.5 bewezen is verklaard, en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:
9 (NEGEN) JAREN;
[vader van het slachtoffer]af;
[moeder van het slachtoffer]een bedrag van € 765,85, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 7 juli 2018 tot aan de dag van de algehele voldoening;
[moeder van het slachtoffer];
6 (ZES) MAANDEN;