ECLI:NL:RBDHA:2019:5221
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-ontvankelijkheid aanvraag verblijfsvergunning asiel
Eiser heeft meerdere aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel ingediend die eerder zijn afgewezen, waaronder een beschikking met terugkeerbesluit van maart 2018. Tegen deze beschikking is beroep ingesteld dat ongegrond is verklaard door de rechtbank en bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak.
In januari 2019 is eiser aangehouden en heeft hij opnieuw een aanvraag ingediend, die door verweerder niet-ontvankelijk is verklaard omdat er geen nieuwe relevante elementen of bevindingen zijn aangevoerd. Eiser betoogt dat de veiligheidssituatie in Libanon is verslechterd en verwijst naar recente rapporten die volgens hem niet in eerdere procedures zijn betrokken.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat de aangevoerde rapporten geen nieuw element vormen dat tot een andere beoordeling leidt. Ook is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eiser persoonlijk risico loopt op vervolging of behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro.
Daarnaast geldt het terugkeerbesluit uit 2018 nog steeds, en is het opleggen van een inreisverbod verplicht gelet op het verlopen van de vertrektermijn. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkheid van de aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard.