ECLI:NL:RBDHA:2019:5255
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen informatiebeschikking inzake niet opgegeven buitenlandse bankrekening
Eiser had een buitenlandse bankrekening bij de Banque Internationale à Luxembourg niet opgegeven in zijn belastingaangiften over de jaren 2003 tot en met 2015. Verweerder gaf een informatiebeschikking op grond van artikel 52a Awr, nadat eerdere verzoeken om aanvullende bankstukken waren onbeantwoord gebleven.
De rechtbank oordeelt dat de informatiebeschikking terecht is gegeven, ondanks dat eiser en zijn gemachtigden stelden dat de gevraagde stukken al waren verstrekt. De rechtbank acht dit ongeloofwaardig, mede vanwege het ontbreken van de bijlagen in de ontvangen inkeerverklaring en de kleine envelop waarin deze was verzonden.
Het beroep wordt ongegrond verklaard voor de jaren 2010 tot en met 2013, terwijl het bezwaar voor andere jaren deels gegrond was. De rechtbank stelt een termijn van vier weken aan eiser om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de informatiebeschikking wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt vier weken om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken.