ECLI:NL:RBDHA:2019:6136
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde door onjuiste verrekening VvE-reserve bij vergelijkingsobjecten
Eiser, gebruiker van een appartement, betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, die was vastgesteld op €135.000. Hij voerde aan dat de waarde te hoog was omdat bij de vergelijkingsmethode de VvE-reserve niet correct was verrekend. De woning maakt deel uit van een appartementencomplex en is voorzien van een nieuwe keuken en badkamer.
Verweerder stelde dat de waarde correct was vastgesteld en onderbouwde dit met een taxatieverslag. De rechtbank oordeelde dat verweerder de waarde niet aannemelijk had gemaakt omdat bij de vergelijkingsobjecten de aanwezigheid van een aandeel in de VvE-onderhoudsreserve niet van de koopsommen was afgetrokken, wat volgens een arrest van de Hoge Raad uit 1993 wel vereist is.
De rechtbank stelde vast dat de vergelijkingsobjecten in een slechtere staat van onderhoud verkeerden dan de woning van eiser, waardoor de lagere verkoopprijzen niet direct vergelijkbaar waren. Gezien het ontbreken van overtuigend bewijs van beide partijen bepaalde de rechtbank de waarde in goede justitie op €130.000. De aanslag onroerende-zaakbelasting werd dienovereenkomstig verminderd en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt verminderd tot €130.000 en de aanslag onroerende-zaakbelasting dienovereenkomstig aangepast.