ECLI:NL:RBDHA:2019:6506
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardige bekering tot christendom
Eiseres, een Afghaanse vrouw, diende in 2015 een asielaanvraag in die in 2017 werd afgewezen wegens ongeloofwaardigheid van haar bewering afvallig te zijn en mishandeld te zijn door haar echtgenoot. In 2018 volgde een herhaalde aanvraag met als grond haar bekering tot het christendom, die eveneens werd afgewezen als kennelijk ongegrond.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat haar bekering authentiek is. De motieven en het proces van bekering zijn niet overtuigend toegelicht, en haar kennis van het christendom en haar geloofsbeleving bleken oppervlakkig. Ook het doopcertificaat en kerkelijke documenten boden onvoldoende bewijs van een diepgaande geloofsovertuiging.
Daarnaast werden eerdere bevindingen over de ongeloofwaardigheid van mishandeling door haar ex-echtgenoot bevestigd, waardoor het gevreesde gevaar bij terugkeer niet aannemelijk is gemaakt. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door rechter K.M. de Jager en griffier A.A. Dijk op 25 juni 2019 in Middelburg. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardige bekering wordt ongegrond verklaard.