ECLI:NL:RBDHA:2019:7813
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens weigering bekijken filmpje
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die zijn beroepszaak betreffende vreemdelingenbewaring behandelde. De aanleiding was de weigering van de rechter om tijdens de zitting een filmpje te bekijken dat volgens verzoeker onrechtmatigheid van zijn staandehouding zou aantonen.
De wrakingskamer overwoog dat procedurele beslissingen, zoals het niet direct bekijken van bewijsstukken, in principe geen grond vormen voor wraking. Dit kan alleen anders zijn als de beslissing objectief bezien een aanwijzing voor vooringenomenheid bevat, wat hier niet het geval was.
Verzoeker stelde dat de rechter door het weigeren van het filmpje de tegenpartij bevoordeelde en daarmee partijdig was. De kamer oordeelde echter dat de relevantie van het filmpje eerst moet worden beoordeeld en dat het verzoek geen concrete aanwijzingen gaf voor schending van onpartijdigheid.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en werd de behandeling van de hoofdzaak voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het verzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor partijdigheid.