Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeente Den Haag om een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van de bouw van een appartementencomplex met 70 woningen en 83 parkeerplaatsen aan de [adres] te Scheveningen.
De rechtbank oordeelt dat eiseres belanghebbende is omdat haar woning in de directe nabijheid van het bouwplan ligt en zij gevolgen van enige betekenis kan ondervinden. De rechtbank stelt vast dat het besluit zorgvuldig is voorbereid, ondanks dat eiseres zich onvoldoende betrokken voelde bij de Nota van Uitgangspunten. De overschrijding van de beslistermijn wordt als termijn van orde beoordeeld en tast de rechtmatigheid niet aan.
Het bouwplan is in strijd met het bestemmingsplan, maar de gemeente heeft terecht gebruikgemaakt van de afwijkingsbevoegdheid uit de Wabo. De ruimtelijke onderbouwing is voldoende, de verkeersveiligheid en parkeernormen zijn adequaat beoordeeld en een windonderzoek is niet noodzakelijk gebleken. Het ontbreken van een formeel welstandsadvies is niet relevant in deze fase.
Gelet op deze overwegingen is het beroep ongegrond verklaard en is de omgevingsvergunning voor het appartementencomplex rechtsgeldig verleend.