ECLI:NL:RBDHA:2019:8595
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. de Zeben - de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit dragende persoon, diende op 7 april 2019 een asielaanvraag in Nederland in. Uit Eurodac bleek dat hij eerder in Italië, Duitsland, Zwitserland en Frankrijk asielverzoeken had gedaan. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam de aanvraag niet in behandeling omdat Italië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Eiser betoogde dat hij liever terugkeert naar Nigeria dan naar Italië te worden overgedragen, maar trok zijn beroep tegen de rechtsgeldigheid van de Dublinverordening in. De gemachtigde van verweerder gaf aan dat terugkeer naar Nigeria mogelijk is en dat eiser hierbij ondersteuning kan krijgen.
De rechtbank oordeelde dat de feitelijke wens van eiser om terug te keren naar Nigeria geen juridische grond biedt om het beroep gegrond te verklaren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.