ECLI:NL:RBDHA:2019:9535
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting horeca-inrichting wegens handgranaten
Op 6 augustus 2019 werd een horeca-inrichting aan een adres in Noordwijk voor twee weken gesloten nadat handgranaten waren aangetroffen bij de inrichting en de woning van de exploitant. De burgemeester besloot de sluiting met nog eens vier weken te verlengen vanwege de voortdurende dreiging van verdere escalatie en het lopende opsporingsonderzoek.
De exploitant diende een verzoek om voorlopige voorziening in om de sluiting te schorsen, stellende dat zij financieel nadeel leed. De voorzieningenrechter erkende het spoedeisend belang, maar oordeelde dat de burgemeester in redelijkheid kon besluiten tot sluiting op grond van artikel 2:30 van Pro de APV, gezien de ernstige geweldsincidenten en de impact op de openbare orde en veiligheid.
De rechter stelde dat het algemene belang bij het voorkomen van verdere escalatie zwaarder woog dan het financiële belang van de exploitant. De sluiting werd als proportioneel en voldoende gemotiveerd beoordeeld. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen, met het advies dat de burgemeester bij bezwaar de situatie actief blijft monitoren.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de horeca-inrichting wordt afgewezen.