De kantonrechter heeft uitspraak gedaan in een geschil tussen TENNISPARK MARLOT B.V. (TPM) en de vennootschap onder firma EM met betrekking tot de duur en voorwaarden van een huurovereenkomst en een recht van eerste koop.
EM stelde dat zij een eenzijdige optie had om de huurovereenkomst na drie jaar met nogmaals drie jaar te verlengen en dat zij een recht van eerste koop had bij verkoop van het tennispark. Na getuigenverhoren en bewijsopdrachten oordeelde de rechtbank dat EM niet is geslaagd in het bewijs van de eenzijdige verlengingsoptie. De verklaringen van partijgetuigen waren onvoldoende en de schriftelijke stukken spraken dit tegen.
Wel werd vastgesteld dat EM een recht van eerste koop heeft bij verkoop van het tennispark, wat door getuigen van beide partijen werd bevestigd. De rechtbank wees de vordering van TPM tot opheffing van het conservatoire beslag af en compenseerde de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
De rechtbank verklaarde voor recht dat de huurovereenkomst is aangegaan voor drie jaren zonder eenzijdige verlengingsoptie voor EM. De overige vorderingen werden afgewezen.