Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De gronden van de beslissing
€ 1.400.000,-- heeft vrijgegeven op de g-rekening van [eiseres] .
Rechtbank Den Haag
Eiseres, actief in de uitzendbranche, ontving een NOW-uitkering en een bedrag vrijgegeven door de Belastingdienst in het kader van coronasteun. Tegen haar loopt een strafrechtelijk onderzoek wegens vermoedelijke fraude met deze steunmaatregelen. Het openbaar ministerie legde beslag op deze gelden.
Eiseres startte een kort geding om het beslag op te heffen en de gelden terug te krijgen. De voorzieningenrechter overwoog dat eiseres reeds een beklagprocedure ex artikel 552a Sv had ingesteld, die voldoende rechtsbescherming biedt. Eiseres stelde dat spoedeisendheid bestond, maar dit werd verworpen omdat zij een derde NOW-uitkering van € 500.000 zou ontvangen, waarmee zij de periode tot de behandeling van het klaagschrift kon overbruggen.
Daarom werd eiseres niet-ontvankelijk verklaard in haar vorderingen. De voorzieningenrechter heeft geen inhoudelijke beoordeling van het beslag kunnen geven. Eiseres werd veroordeeld in de proceskosten, die zij binnen veertien dagen aan de Staat moet betalen.
Uitkomst: Eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vorderingen tot opheffing van het beslag en veroordeeld in de proceskosten.