ECLI:NL:RBDHA:2020:10852
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid bekering christendom
Eiseres, een Iraanse vrouw, verzocht om een verblijfsvergunning asiel na een verkrachting en haar bekering tot het christendom. Verweerder wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van de bekering en onvoldoende aannemelijkheid van het risico bij terugkeer.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht de bekering als ongeloofwaardig heeft beoordeeld, mede vanwege inconsistenties en vage verklaringen van eiseres over haar bekering en de emotionele impact daarvan. Ook achtte verweerder de problemen na de bekering niet geloofwaardig.
Echter, de rechtbank constateert dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de aanvraag als kennelijk ongegrond kon worden afgewezen en heeft nagelaten de vrees voor eerwraak door de vader te beoordelen. Daarom vernietigt de rechtbank het besluit wegens motiveringsgebrek, maar laat de rechtsgevolgen in stand omdat het risico onvoldoende aannemelijk is.
Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.