Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
- een arrestatiebevel voor eiser d.d. 21 januari 2018;
- een e-mail van eiser aan [A] d.d. [2012] ; en
- een e-mail van eiser aan [A] d.d. [2011] .
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Syriër geboren in 1979, diende een opvolgende aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder had een eerdere aanvraag afgewezen wegens ernstige redenen om te vermoeden dat eiser misdrijven tegen de menselijkheid en ernstige niet-politieke misdrijven had gefaciliteerd (artikel 1F Vluchtelingenverdrag). Eiser werkte bij de afdeling deserteurs van de Syrische Luchtmacht Inlichtingendienst, waar ernstige mensenrechtenschendingen plaatsvonden.
De rechtbank oordeelt dat de nieuwe documenten en argumenten van eiser, waaronder het verstrekken van gevoelige informatie aan een journalist en een arrestatiebevel, geen nieuw licht werpen op de eerdere beoordeling van zijn betrokkenheid bij mensenrechtenschendingen. Ook de bescherming tegen terugkeer op grond van artikel 3 EVRM Pro blijft gehandhaafd.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en handhaaft het bestreden besluit. De overige beroepsgronden behoeven geen bespreking en er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De opvolgende asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.