ECLI:NL:RBDHA:2020:10918
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering identiteit en nationaliteit
Eiser heeft een aanvraag tot verblijfsvergunning asiel ingediend, die door verweerder is afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van artikel 30b van de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder achtte de door eiser opgegeven identiteit, nationaliteit en herkomst ongeloofwaardig en toetste het relaas van eiser niet verder.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat eiser zijn identiteit niet aannemelijk heeft gemaakt, mede vanwege het gebruik van verschillende namen en geboortedata in Italië, Duitsland en Nederland. Echter, verweerder heeft nagelaten te motiveren welke vragen over de nationaliteit en herkomst onjuist zouden zijn beantwoord, waardoor het standpunt niet toetsbaar is.
De rechtbank constateert een motiveringsgebrek in het bestreden besluit en vernietigt dit. Verweerder wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van de uitspraak.