ECLI:NL:RBDHA:2020:10977
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen crisismaatregel opgelegd door burgemeester Den Haag
Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen een crisismaatregel die de burgemeester van Den Haag op 28 augustus 2020 tegen hem heeft opgelegd. De crisismaatregel is gebaseerd op een medische verklaring van een psychiater die betrokkene onderzocht, maar niet behandelde. Betrokkene stelde dat het verhoor te kort was en onvoldoende zorgvuldig, en dat hij niet goed is gehoord. De burgemeester verdedigde zich door te stellen dat meerdere pogingen zijn gedaan om betrokkene te horen, maar dat betrokkene alleen in wiskundige formules antwoordde, waardoor het gesprek na enkele minuten werd beëindigd.
De rechtbank overwoog dat de wetgever een balans heeft willen vinden tussen het belang van betrokkene om gehoord te worden en het belang van snel handelen in crisissituaties. De wijze waarop de burgemeester het horen heeft vormgegeven, namelijk telefonisch via de Nationale Hoorservice, was niet in strijd met de wet. De rechtbank vond dat niet meer gedaan had kunnen worden om betrokkene te horen, gezien zijn beperkte communicatie.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en kwam niet toe aan de beoordeling van de gevorderde schadevergoeding. De beschikking is uitgesproken op 14 oktober 2020 door rechter J.T.W. van Ravenstein.
Uitkomst: Het beroep tegen de crisismaatregel is ongegrond verklaard.