ECLI:NL:RBDHA:2020:11072
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij schizofrenie
De rechtbank Den Haag behandelde op 21 oktober 2020 het verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging te verlenen op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Betrokkene, geboren in 1998 in Eritrea, lijdt aan schizofrenie en verkeert in een sociaal isolement, leeft voornamelijk op straat en vertoont verwaarlozing en achterdocht.
De medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur tonen aan dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt door zijn psychische stoornis, waaronder levensgevaar, lichamelijk letsel en maatschappelijke teloorgang. Betrokkene weigert vrijwillige zorg en medicatie, waardoor verplichte zorg noodzakelijk is.
De rechtbank oordeelt dat de voorgestelde zorgmaatregelen proportioneel en effectief zijn en dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn. De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden, met onder meer medicatietoediening, medische controles, beperking van bewegingsvrijheid en opname in een accommodatie.
De beschikking is uitgesproken door rechter H. Wien en griffier K.A.M. Boeije en schriftelijk vastgesteld op 3 november 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met diverse verplichte zorgmaatregelen.