Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
De bewaringsgronden
Zicht op uitzetting
Lichter middel
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Georgische nationaliteit dragende vreemdeling, werd in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 wegens het ontbreken van rechtmatig verblijf en het risico op het ontwijken van toezicht en uitzetting.
De rechtbank oordeelt dat de zware gronden voor bewaring, waaronder het niet op voorgeschreven wijze Nederland binnenkomen en het niet voldoen aan de vertrekplicht na afwijzing van de asielaanvraag, voldoende zijn toegelicht en aannemelijk zijn. Het ontbreken van redelijk vooruitzicht op uitzetting wordt door verweerder voldoende gemotiveerd met het bestaan van vluchten naar Georgië en het verzoek tot vluchtboeking.
Eiser voerde aan dat de maatregel onevenredig is vanwege zijn medische en psychische situatie, maar de rechtbank stelt vast dat verweerder hier voldoende rekening mee heeft gehouden en dat passende zorg in het detentiecentrum aanwezig is. Een lichter middel was reeds toegepast zonder resultaat.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.