Uitspraak
[eiser] ,
Conclusie
21 april 2020 te herstellen door opnieuw onderzoek te laten doen naar de situatie van eiser en zijn kinderen. De rechtbank legt hieronder uit waar deze zaak over gaat en hoe zij tot haar oordeel komt.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Oekraïense nationaliteit dragende vader, diende een aanvraag in voor een verblijfsdocument EU/EER met beroep op het arrest Chavez-Vilchez, stellende dat zijn minderjarige Nederlandse kinderen afhankelijk van hem zijn. Verweerder wees de aanvraag af, stellende dat de zorg- en opvoedtaken van eiser marginaal zijn en dat geen zodanige afhankelijkheidsrelatie bestaat dat de kinderen gedwongen zouden zijn Nederland te verlaten.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de afhankelijkheidsrelatie en onvoldoende heeft gemotiveerd waarom geen sprake zou zijn van een zodanige relatie. Tevens is eiser ten onrechte niet gehoord, wat een schending van de hoorplicht inhoudt.
De rechtbank stelt verweerder in de gelegenheid het gebrek te herstellen door aanvullend onderzoek en het houden van een hoorzitting. Tevens wordt een voorlopige voorziening getroffen waardoor het primaire besluit wordt geschorst en eiser Nederland niet hoeft te verlaten tot de einduitspraak. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige voorziening toe, schorst het primaire besluit en stelt verweerder in de gelegenheid het gebrek te herstellen.