Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser, V-nummer: [V-nummer]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. J.R. van Veen, griffier.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Moldavische asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van zijn homoseksualiteit en bedreigingen door de maffia vanwege een openstaande lening. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond wegens onvoldoende geloofwaardigheid van deze gronden en het vermoedelijk kwade trouw vernietigen van identiteitsdocumenten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder de geloofwaardigheid van eisers identiteit en nationaliteit aannam, maar diens verklaringen over zijn seksuele geaardheid en problemen met de maffia onvoldoende onderbouwd en inconsistent waren. De rechtbank bevestigde dat verweerder de vaste gedragslijn inzake beoordeling van homoseksualiteit toepaste en dat eiser onvoldoende inzicht gaf in zijn gevoelens en ervaringen.
Eiser voerde in beroep aan dat taalbarrières en culturele taboes zijn verklaringen beïnvloedden, maar de rechtbank vond het bestreden besluit zorgvuldig en voldoende gemotiveerd. Het beroep werd ongegrond verklaard omdat eiser niet aannemelijk maakte dat hij vluchteling was of risico liep op ernstige schade bij uitzetting.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardigheid en tegenstrijdige verklaringen.