De gemeente Gouda organiseerde een meervoudige onderhandse aanbestedingsprocedure voor een raamovereenkomst voor het vervangen van beschoeiingen en onderhoud aan oeverbescherming. Het gunningscriterium was de laagste prijs. Vijf partijen, waaronder eiseres, [B.V. X] en [B.V. I], werden uitgenodigd. [B.V. I] en [B.V III] zijn zusterondernemingen.
Eiseres stelde dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden omdat [B.V. I] als zusteronderneming van [B.V III] bevoordeeld kon zijn, wat haar inschrijfgedrag beïnvloedde. Zij vorderde heraanbesteding. De gemeente en [B.V. X] voerden verweer en stelden dat het level playing field was hersteld door de uitsluiting van [B.V. I].
De rechtbank oordeelde dat eiseres bekend was met de deelname van [B.V. I] vóór inschrijving maar dit niet tijdig heeft aangevochten, waardoor zij haar rechten heeft verwerkt. Ook als dat niet zo was, was het risico op verstoring weggenomen door de uitsluiting van [B.V. I]. Er was geen bewijs van bevoordeling van andere inschrijvers. De vordering tot heraanbesteding werd afgewezen en eiseres werd veroordeeld in de proceskosten.