Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
- het verzoekschrift, bij de rechtbank ingekomen op 23 juli 2020, met producties 1 tot en met 7;
- het verweerschrift, met producties 1 tot en met 4;
- de brief van 5 oktober 2020 van de zijde van [verzoeker] , met producties 8 en 9;
- de brief van 27 oktober 2020 van de zijde van [verzoeker] , met productie 10;
- het e-mailbericht van 28 oktober 2020 van de zijde van de Politie, met twee ontbrekende pagina’s van productie 2;
- het e-mailbericht van 29 oktober 2020 van de zijde van de Politie, met productie 5;
- de brief van 29 oktober 2020 van de zijde van [verzoeker] , met productie 11.
- [verzoeker] , bijgestaan door mr. Tap voornoemd;
- de [schadecoördinator] (schadecoördinator) namens de Politie, bijgestaan door mr. Ceulen voornoemd.
2.De feiten
[Rb: Voetbaleenheid]onder verscherpte aandacht van de harde kern ADO ligt ivm herkenningen en aanhoudingen (…). Via de verbindingen werd doorgegeven dat de verzamelde groep onder het vak opvallend rustig was en de VBE nauwlettend in de gaten hield.
Toelichting bij actie
Bevindingen
3.Het geschil
- de Politie te veroordelen tot het betalen van een generiek voorschot van € 15.000,-, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
- de Politie ex artikel 1019aa BW te veroordelen in de kosten van dit geding, tot en met dit verzoekschrift begroot op € 6.201,25.