Uitspraak
Rechtbank DEN Haag
[verzoekster] , te [woonplaats 1] , verzoekster,
de minister voor Medische Zorg, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
[A] , verpleegkundige en zus van [B] . Laatstgenoemde was gehuwd met [C] , zoon respectievelijk broer van verzoekers, die in december 2017 is overleden. Zij hebben vier minderjarige kinderen. Verzoekers hebben verzocht om de overtredingen in privé en in een directe behandel/zorgrelatie tussen [A] en wijlen [C] doeltreffend te onderzoeken en in dat kader te handhaven door een tuchtrechtklacht in het kader van de BIG in te dienen tegen [A] . Concreet stellen verzoekers dat
aanhoudend in strijd handelt met alle maatschappelijke- en veldnormen en gezondheidswetten door niet in te grijpen ten aanzien van de gezondheidssituatie van
[C] en de minderjarige kinderen en de gesteldheid (“goed genoeg ouderschap”) van
[B] , terwijl daar alle reden voor is.