ECLI:NL:RBDHA:2020:14652
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure Dublin-verwijzing naar Italië
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening.
Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. Tijdens de zitting op 22 september 2020, waarbij verzoeker niet aanwezig was, is de zaak samen met een soortgelijke zaak behandeld.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu er al een uitspraak is gedaan op het beroep in de gerelateerde zaak, een voorlopige voorziening niet langer nodig is. Daarom is het verzoek afgewezen zonder toekenning van proceskosten.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter L.M. Reijnierse en griffier A. Vranken, en is niet openbaar uitgesproken vanwege coronamaatregelen. Er is geen hoger beroep mogelijk tegen deze beslissing.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak al is behandeld.